Bewegen begint al in de buik van de moeder en gaat na de geboorte natuurlijk lekker door. Een baby kan zijn/haar lichaam nog niet bewust aansturen, bewegen gebeurt voornamelijk door de primaire reflexen. Door deze bewegingen worden de hersenen steeds verder ontwikkeld, er worden als het ware steeds meer paadjes aangelegd in de hersenen. Hierdoor worden steeds grotere delen van het brein toegankelijk en ontwikkelt een kindje zich. Bij een gezonde ontwikkeling zijn de hersenen voor de kleuterleeftijd zover ontwikkeld dat de primaire reflexen onder controle zijn. Maar het komt vaak voor dat er toch reflex-restanten aanwezig blijven. De redenen voor het onvoldoende ontwikkelen van het brein is niet altijd bekend. Vaak is de oorzaak te vinden in de zwangerschap of de bevalling, of door veel stress in de eerste levensjaren.
Gelukkig is ons brein heel slim. Als het niet de kortste weg kan vinden, maakt het een ‘omweg’ om toch de informatie door te kunnen geven. Dat kan prima en het kind hoeft er geen last van te hebben. Maar wat als het brein een heleboel omwegen moet maken? Dan komt er veel onrust in het lijf en zit een kind steeds te wiebelen op de stoel, terwijl het echt z’n best doet om stil te zitten. Of het kind is om onduidelijke redenen angstig en scant onbewust voortdurend de omgeving af, op zoek naar mogelijk gevaar. Hierdoor kan het niet de volledige aandacht richten op de uitleg van de leerkracht, met alle gevolgen van dien.

In 2015 heb ik een cursus gevolgd waarbij ik heb geleerd om te gaan met nog aanwezige reflexen. Deze cursus heet MNRI Dynamic and Postural Reflex Integration en werd gegeven door de ontwikkelaar, mw. Svetlana Masgutova zelf.
Bij reflex-integratie ga ik samen met het kind onderzoeken welke reflexen nog op de voorgrond aanwezig zijn. Door een aantal motorische oefeningen en beweegspelletjes te doen helpen we het brein de ‘omwegen’ afbreken en de kortste route te zoeken, waardoor er weer rust in het hoofd en het lijf komt.